Dieren in de vee-industrie zijn geselecteerd op snelle groei, maar dit gaat ten koste van hun natuurlijke weerstand tegen ziektes. Mogelijk heeft de vee-industrie hiermee bijgedragen aan ziekte-uitbraken en de behoefte aan antibiotica. Dit zegt de Dierenbescherming al jaren, maar ecofysiologen van de Rijksuniversiteit Groningen hebben het nu ook wetenschappelijk aangetoond. Hun onderzoek is onlangs gepubliceerd in het Britse vaktijdschrift Functional Ecology.
In de vee-industrie vormen dierziektes en het daarmee gepaard gaande antibioticagebruik een steeds groter probleem. Het grootschalig gebruik van antibiotica leidt tot resistentie van ziekteverwekkers, wat de behandeling van mensen die dezelfde ziekteverwekkers dragen ernstig kan bemoeilijken. Onder andere vanwege de ongunstige effecten op de volksgezondheid, maar ook omdat het welzijn van de dieren er door wordt aangetast, klinkt de roep uit de samenleving om beperking van antibioticagebruik steeds luider.
Biologische veehouderij Uit het Groningse onderzoek blijkt dat het mogelijk is om snelgroeiend vee te selecteren dat toch een goede weerstand heeft. De dieren zouden dan niet alleen op snelle groei moeten worden geselecteerd, maar ook op een sterker reagerend immuunsysteem. De Dierenbescherming pleit echter voor meer nadruk in de fokkerij op selectie op gezondheids- en welzijnsaspecten van de dieren, in plaats van eenzijdige selectie op een hogere productie.
Vleeskuikens Neem vleeskuikens met minimaal een ster van het Beter Leven kenmerk van de Dierenbescherming. Die dieren krijgen de kans om langzamer te groeien en zijn daardoor veel sterker. Ze worden niet of nauwelijks ziek en er wordt vrijwel geen antibiotica gebruikt. (dierenbescherming) |